Het was een lange weg voor Johan, lees dat hier: https://jovadre.com/over-de-kunstenaar/. Voor hem begon het met fotografie toen hij 13 jaar was. Heel veel later ging hij mee in de digitale revolutie en ontdekte de beeldbewerking, voor hem was dat een eye-opener, het paste als een jas, alsof de digitale wereld voor hem gemaakt was. Foto’s bewerken tot een verhaal, werken met dansers, een mooie reis met vrouwen die naakt poseerden en daarmee verhalen vertelde over pijn, eenzaamheid, verstoting. De laatste jaren ging hij terug naar waar het begon, abstract, dat was zijn passie op de middelbare school.
Kijkend naar grote kunstenaars raakte hij geïnspireerd door simpel lijnenspel, abstract en figuratief, zo combineerde hij zijn passie voor abstract met het figuratieve uit de fotografie met elementen uit het Minimalisme en Cubisme. Daarnaast zocht Johan voor het nieuwe werk een beperking, een uitdaging. Die vond hij, kijkend naar het werk van Mondriaan. Nee, het is niet de bedoeling om deze kunstenaar na te maken, dat zou hij niet kunnen en wilde dat ook niet. De uitdaging werd om zich in het abstracte en figuratieve te beperken tot het werken met alleen de drie primaire kleuren, rood, blauw en geel, geen mengkleuren en ondersteund door wit en zwart. Het lijnenspel mocht alle vormen hebben immers, niets is rechtlijnig.

Zie ook https://jovadre.com/figurative/ en https://jovadre.com/game-of-lines-and-colors-abstract/
